Lentekriebels lesinhoud per groep: wat kinderen leren van groep 1 tot 8
Per bouw wat het lespakket ‘Kriebels in je buik’ aanbiedt, wat gangbaar en wat omstreden is, welke lessen scholen mogen weglaten en hoe ouders de inhoud kunnen inzien.

Wat krijgt een kleuter in de Week van de Lentekriebels eigenlijk te horen, en wat een achtstegroeper? Wie de Lentekriebels lesinhoud per groep wil kennen, komt al snel uit bij één lespakket: ‘Kriebels in je buik’ van Rutgers, dat ongeveer dertig procent van de basisscholen gebruikt. Dit artikel loopt per bouw door de lessen zoals Rutgers ze zelf beschrijft in de openbare ouderbrochure en lesbeschrijvingen, benoemt wat breed gedragen is en wat omstreden, en legt uit hoeveel vrijheid een school heeft om lessen te kiezen of weg te laten.
Eerst de drie lagen: kerndoel, school en Rutgers
Over de Lentekriebels lopen drie dingen voortdurend door elkaar. De overheid schrijft via kerndoel 38 voor dat basisscholen leerlingen ‘respectvol leren omgaan met seksualiteit en met diversiteit binnen de samenleving, waaronder seksuele diversiteit’. Dat kerndoel geldt sinds december 2012 en zegt niets over concrete lessen, leeftijden of woorden. De school bepaalt zelf hoe zij dat kerndoel invult: met welk materiaal, in welke groep, met welke lessen. En Rutgers biedt met de Week van de Lentekriebels een projectweek aan en met ‘Kriebels in je buik’ een lesmethode. Deelname aan de week is vrijwillig; het gebruik van het pakket ook. Minister Wiersma schreef de Kamer in juni 2023 dat er ‘geen formeel of standaard lespakket’ voor de week bestaat en dat scholen zelf kiezen ‘welke lespakketten, delen van een lespakket of welke andere ondersteunende materialen zij inzetten’.
Wie dus wil weten wat zijn kind leert, moet twee vragen stellen: welk pakket gebruikt de school, en welke lessen daaruit? Hieronder beschrijven we het meest gebruikte pakket. Wat het programma precies is en wie het betaalt, staat in ons overzichtsartikel over de Week van de Lentekriebels.
Hoe ‘Kriebels in je buik’ is opgebouwd
‘Kriebels in je buik’ is een digitale methode voor groep 1 tot en met 8, een doorontwikkeling van het oudere lespakket ‘Relaties & Seksualiteit’. Volgens de interventiebeschrijving bij het Nederlands Jeugdinstituut bestaat het uit 56 lessen van 45 tot 50 minuten, verdeeld over vier thema’s: lichamelijke ontwikkeling en zelfbeeld, voortplanting en gezinsvorming, sociale en emotionele ontwikkeling, en seksuele weerbaarheid (in de ouderbrochure ‘wensen en grenzen’ genoemd). Het NJi erkende het pakket op 16 februari 2023 als ‘goed onderbouwd’; de effectiviteit is volgens datzelfde oordeel ‘(nog) niet onderzocht’. Rutgers baseert de opbouw op de Europese ‘Standards for Sexuality Education’ van de WHO (2010).
Per groep onderscheidt Rutgers basislessen en extra lessen. De algemene introductie voor leerkrachten noemt de basislessen ‘noodzakelijk’ en laat de keuze voor extra lessen afhangen van ‘de beschikbare tijd, maar ook van de samenstelling, kennis, behoefte en ervaring van de leerlingen in jouw groep’. Elke les heeft lesdoelen, een lijst begrippen, een tijdsindicatie en werkvormen voor het digibord. Een school betaalt eenmalig 199 euro en daarna 50 euro per jaar. In de ouderbrochure van februari 2024 staat de volledige lessenlijst per groep; daar baseren we het overzicht hieronder op.
Groep 1 en 2: lichaam, gevoelens, vriendschap en ‘jongen of meisje’
De kleutergroepen krijgen elk vijf lessen. In groep 1 zijn dat ‘Hoe zien wij eruit?’, ‘In je blootje’, ‘Bij ons thuis’, ‘Ik vind jou lief’ en ‘Voelt dit fijn of niet?’. In groep 2 volgen ‘Meisjes en jongens’, ‘Hoe worden kindjes geboren?’, ‘Wij zijn vriendjes’, ‘Wat voelt fijn en wat niet?’ en ‘Hoe zeg ik nee?’. De rode draad is weerbaarheid: kinderen oefenen met voorwerpen (een steentje, een kwast) wat zij fijn en niet fijn vinden voelen, leren vragen voordat ze iemand knuffelen en oefenen met ‘Stop, hou op!’.
In de les ‘In je blootje’ (groep 1, 90 minuten) kleden kinderen op het digibord een getekende jongen en een getekend meisje uit en benoemt de leerkracht de lichaamsdelen, volgens de lesbeschrijving ‘ook de geslachtsdelen (vulva en piemel)’. Het lesdoel is dat kinderen weten dat regels over bloot zijn per situatie verschillen. In ‘Hoe worden kindjes geboren?’ (groep 2) leren kinderen dat een baby ontstaat ‘als een eitje en het zaadje samenkomen’, in de buik groeit en geboren wordt; begrippen zijn onder meer zaadcel, eicel en baarmoeder.
De les ‘Meisjes en jongens’ (groep 2) gaat over het thema dat de brief van deze site als ‘ik ben een jongen/meisje’ aanduidt. Volgens Rutgers worden kinderen ‘zich bewust van overeenkomsten en verschillen tussen jongens en meiden en wat “typisch” jongens- en meidengedrag of dingen zijn’. Kinderen ‘leren dat vrouwen een kind kunnen krijgen en mannen niet’ en denken na ‘over de vraag of er wel zoiets is als typische meisjesdingen en jongensdingen’. Over genderidentiteit in de zin van ‘je anders voelen dan je lichaam’ zegt de kleuterles niets; wel beschrijft Rutgers in het ontwikkelingsdeel van de brochure dat kleuters in rollenspel ‘gedrag uitproberen dat past bij hun gender’.
Gangbaar en omstreden in de onderbouw
Weinig ouders maken bezwaar tegen lessen over vriendschap, nee zeggen en prettige en onprettige aanrakingen; dat is ook wat GGD’en en de Onderwijsinspectie als kern van het kerndoel zien. Omstreden zijn vooral het benoemen van geslachtsdelen bij vierjarigen en de vraag of een kleuterklas de plek is om rolpatronen ter discussie te stellen. Minister Wiersma vatte de kleuterinhoud in maart 2023 samen als ‘verschillen tussen jongens en meisjes, wensen en grenzen’.
Groep 3 en 4: lichaamsdelen, grenzen en verliefdheid
Groep 3 telt zes lessen: ‘Ik ben ik!’, ‘Meisjes en jongens?’, ‘Hoe ben jij geboren?’, ‘Mijn thuis’, ‘Ik vind het fijn met jou’ en ‘Prettig en niet prettig’. In ‘Meisjes en jongens?’ leren kinderen ‘lichamelijke overeenkomsten en verschillen tussen jongens en meisjes benoemen’ en ‘over stereotypes en dat jongens en meisjes gelijk zijn’. In ‘Hoe ben jij geboren?’ hoort een kind dat ‘een baby ontstaat als een zaadje van de papa en een eitje van de mama samenkomen’ en dat ‘de baby via de vagina naar buiten’ komt.
De les ‘Mijn thuis’ (groep 3, 95 minuten) gaat over gezinsvormen. De begrippenlijst bevat naast familiewoorden ook ‘seksuele diversiteit, homoseksualiteit, biseksualiteit, homo, lesbisch, bi’. Een van de lesdoelen luidt letterlijk: ‘De leerlingen weten dat mensen verliefd kunnen worden op iemand van de eigen gender, iemand met een andere cultuur of iemand met een ziekte of die (een) hulp(middel) nodig heeft.’ Dit is de eerste les waarin het woord ‘gender’ als begrip in een lesdoel staat.
Groep 4 heeft ‘In je nakie’ (privacy en regels over bloot), ‘Hoe ben ik geboren?’ (kinderen interviewen hun ouders over hun eigen geboorte, zodat ‘ouders zelf kunnen vertellen wat ze willen delen’), ‘Wie vind ik speciaal?’, ‘Ik ben verliefd’ (‘gevoelens van verliefdheid bij zichzelf herkennen en weten dat deze gevoelens normaal zijn’), ‘Wat voel ik?’ en ‘Een ja-, nee- of twijfelgevoel’. De weerbaarheidslijn wordt hier concreter: kinderen leren het verschil tussen een ja-, nee- en twijfelgevoel en ‘dat ze moeten stoppen als iemand nee zegt’.
Gangbaar en omstreden in groep 3-4
De grenzenlessen en de lessen over gezinsvormen zijn in vrijwel alle pakketten terug te vinden, ook in christelijke alternatieven. Discussie is er over het moment waarop voortplanting biologisch wordt uitgelegd (groep 3) en over het opnemen van homoseksualiteit en biseksualiteit als begrippen voor zes- en zevenjarigen. Rutgers wijst erop dat kinderen in deze leeftijd klasgenoten met twee vaders of twee moeders hebben; critici vinden dat seksuele oriëntatie geen thema voor de onderbouw is.
Groep 5 en 6: zelfbeeld, puberteit in aantocht en verschillen
In groep 5 ligt de nadruk op zelfbeeld en vriendschap: ‘Dit ben ik!’ (kwaliteiten en ‘schoonheidsideaalbeelden in de media’), ‘We zijn allemaal anders!’, ‘Zullen we vrienden zijn?’, ‘De mensen om me heen’, ‘Wat voor gevoel krijg jij als...?’ en ‘Grenzen’. In die laatste twee lessen komen goede en slechte geheimen aan bod en een stappenplan om nee te zeggen.
Groep 6 is met acht lessen inhoudelijk een stap verder. ‘Bloos je van bloot?’ bespreekt dat normen over bloot per cultuur verschillen en dat het eigen beeld ‘kan veranderen door de puberteit’. In ‘De geslachtsdelen’ leren kinderen ‘de geslachtsdelen bij de naam benoemen’ en de functies ervan; de begrippenlijst omvat onder meer vulva, binnenste en buitenste vulvalippen, clitoris, baarmoeder, penis, eikel, balzak en prostaat. ‘Het ontstaan en de geboorte van een baby’ legt uit ‘hoe seks tussen een man en vrouw kan (of niet kan) leiden tot een zwangerschap’. Daarna volgen ‘Gezocht: een vriend’ (ook online vriendschap), ‘Verliefd’, ‘Verschillende soorten relaties’, ‘Hoe zeg ik ja of nee?’ en ‘Seksueel over de grens’, waarin kinderen leren ‘wat er wordt bedoeld met seksueel misbruik’ en waar ze hulp kunnen krijgen.
Het lesdoel van ‘Verliefd’ (groep 6) bevat de zin dat kinderen ‘kunnen uitleggen dat iemand ook verliefd kan worden op iemand van hetzelfde geslacht, met een ander geloof of uit een andere cultuur’. ‘Verschillende soorten relaties’ gaat over trouwen, samenwonen, ‘uithuwelijken en gearrangeerde huwelijken’ en over ‘respectvol reageren op een mening die verschilt van hun eigen mening’. Opvallend: in de lessenlijst voor groep 5 en 6 in de brochure van 2024 komt genderidentiteit als apart lesdoel niet voor. Wel schrijft Rutgers in het ontwikkelingsdeel over zes- tot negenjarigen: ‘Heel af en toe komt het voor dat een kind zich anders voelt dan het geslacht die het bij de geboorte heeft toegewezen gekregen. Bij sommige kinderen kunnen deze gevoelens ook weer verdwijnen.’ Hoe de lessen gender en genderidentiteit precies behandelen, en welke begrippen daarbij horen, werken we uit in ons artikel over gender in de Lentekriebels-lessen.
Gangbaar en omstreden in groep 5-6
Dat negen- en tienjarigen de namen van geslachtsdelen leren en horen wat seksueel misbruik is, wordt door GGD’en en de meeste pedagogen gezien als bescherming; dat hoort bij de weerbaarheidsdoelen van het kerndoel. In 2023 ontstond ophef over een driedimensionaal model van een clitoris dat Rutgers aanbiedt bij lessen in de bovenbouw; Rutgers verdedigde dat kinderen moeten weten ‘dat de clitoris bestaat, waar ze ligt, hoe de clitoris eruitziet’. Ook de uitleg van seks als oorzaak van zwangerschap in groep 6 vinden sommige ouders te vroeg.
Groep 7 en 8: puberteit, seksualiteit, media en diversiteit
Groep 7 opent met twee puberteitslessen: ‘Meiden in de puberteit’ en ‘Jongens in de puberteit’, met menstruatie, zaadlozing en de vraag ‘wanneer meiden zwanger kunnen raken’. De lesbeschrijving van de meidenles adviseert leerkrachten er rekening mee te houden ‘dat deze les moeilijk en confronterend kan zijn voor kinderen die transgendergevoelens hebben’, met een verwijzing naar de ‘Handreiking sekse, gender en seksuele diversiteit’. Daarna volgen ‘Wat is seks?’ (waarom het ‘niet voor iedereen gemakkelijk is om over seks te praten’ en dat opvattingen ‘per persoon kunnen verschillen’), ‘Vriendschap en verliefdheid’, ‘Vrouwen en mannen’ (rolverdeling en gelijke rechten), ‘Vrouwen en mannen in de media’, ‘Internetvrienden’ en ‘Wat zou jij doen?’. In die laatste les leren kinderen dat als iemand over hun grens gaat ‘dit nooit hun schuld is’, dat de ander ‘altijd toestemming (consent)’ moet vragen en ‘dat volwassenen nooit iets seksueels met kinderen mogen doen, dat is strafbaar’.
Het lesdoel van ‘Vriendschap en verliefdheid’ zegt dat kinderen weten ‘dat je verliefd kunt worden op jongens, op meiden, niet alleen op jongens of meiden, iemand met een andere of dezelfde culturele/religieuze achtergrond, iemand met of zonder beperking’. Dat is de formulering waarmee seksuele diversiteit in groep 7 is verwerkt.
Groep 8 is met twaalf lessen de meest gevulde groep. Naast ‘Dit ben ik’, ‘Puberteit’ en ‘Wat zie jij in de media?’ staan er lessen die in 2023 veel discussie opriepen. In ‘Geslachtsdelen’ moeten kinderen ‘de namen en functies van de vrouwelijke en mannelijke geslachtsdelen benoemen’ en ‘uitleggen wat transgender, non-binair en intersekse is’. ‘Je eigen lichaam’ gaat over ‘welke plekjes fijn kunnen voelen en in welke situatie (bijvoorbeeld in het openbaar, waar andere mensen bij zijn) het ongepast is om aan je geslachtsdelen te zitten’. ‘Verliefdheid en seksuele oriëntatie’ leert dat ‘iedereen in Nederland, ongeacht seksuele oriëntatie dezelfde rechten heeft (om samen te wonen, te trouwen, kinderen te krijgen)’ en laat kinderen begrippen als pan en queer uitleggen. ‘Seks, wat is dat?’ stelt dat seksuele contacten ‘vrijwillig, prettig en gewenst moeten zijn’ en dat je ‘je eigen tempo bepaalt’. ‘Voortplanting’ en ‘Veilig vrijen’ behandelen bevruchting, anticonceptie en soa’s; ‘Internet en social media’ gaat over sexting en het verbod op het doorsturen van naaktbeelden; ‘Seksueel grensoverschrijdend gedrag’ sluit af.
Gangbaar en omstreden in de bovenbouw
Puberteit, voortplanting, anticonceptie en online veiligheid in groep 7-8 zijn nauwelijks omstreden; de minister noemde juist deze onderwerpen als wat leerlingen in de bovenbouw ‘moeten weten’. Omstreden zijn drie dingen: de les ‘Je eigen lichaam’ (door critici gelezen als masturbatieles, door Rutgers als les over gepast gedrag), de genderbegrippen transgender en non-binair in de les over geslachtsdelen, en de vraag hoeveel ruimte er is voor religieuze opvattingen over seks voor het huwelijk. Over dat laatste zegt Rutgers in de les ‘Seks, wat is dat?’ dat sommige mensen ‘wachten tot zij getrouwd zijn’. Veel claims uit 2023 over kleuters en seksuele handelingen bleken daarentegen niet uit dit pakket te komen; dat beschrijven we in ons artikel over de ophef van 2023.
Welke vrijheid heeft de school?
De keuzevrijheid is groter dan veel ouders denken. Rutgers schrijft zelf in de ouderbrochure dat leerkrachten ‘zelf de keus [hebben] een werkvorm of thema van de les aan te passen of te veranderen’ en dat het ‘kan zijn dat niet alle lessen uit dit boekje gegeven worden in de klas’. Het onderscheid tussen basis- en extra lessen maakt dat formeel mogelijk. Een school kan dus:
- een ander erkend pakket kiezen, zoals ‘Wonderlijk gemaakt’ (Driestar educatief, christelijk) of ‘Veiligwijs’ (Zorg voor Seksualiteit), of helemaal eigen materiaal gebruiken;
- uit ‘Kriebels in je buik’ alleen de basislessen geven, of lessen weglaten;
- lessen op een ander moment geven dan in de Week van de Lentekriebels, of niet aan de week meedoen;
- werkvormen aanpassen aan de levensbeschouwelijke identiteit van de school, wat Rutgers in de introductie zelf aanmoedigt.
Hoe dat in de praktijk werkt, laat een openbare ouderbrief van een christelijke basisschool zien: zij geeft jaarlijks in maart ‘de vaste lessen’ in elke groep en zet ‘optionele onderdelen’ eventueel in de maanden erna in, en informeert ouders via de schoolapp over welke lessen gegeven zijn. De Onderwijsinspectie controleert of een school aandacht besteedt aan het kerndoel, niet welke lessen zij kiest. Alternatieve methoden vergelijken we in ons overzicht van alternatieven voor de Lentekriebels.
Hoe ouders de inhoud kunnen inzien
Op de vraag van Kamerlid Baudet om het hele lespakket aan de Kamer te sturen antwoordde minister Wiersma dat Rutgers aangaf dat ‘de leerdoelen van het lespakket “Kriebels in je buik” online te bekijken zijn’ en dat ‘grote delen van dit lespakket ook openbaar [zijn] en inzage in de lessen mogelijk [is], via Rutgers’. Concreet kunnen ouders:
- de ouderbrochure ‘Informatie over het lespakket Kriebels in je Buik – Voor ouders’ (2024) downloaden via seksuelevorming.nl; daarin staan per groep alle lestitels, lesdoelen en een korte beschrijving;
- het overzicht ‘Leerdoelen Kriebels in je buik’ op kriebelsinjebuik.nl raadplegen, en de losse lesbeschrijvingen die Rutgers daar als pdf openbaar heeft gezet (met begrippenlijst, lesdoelen en dia-voor-dia-instructie);
- de school vragen welke lessen zij geeft en wanneer; Rutgers zelf schrijft: ‘De school kan informatie geven over welke lessen er zijn en op welk moment deze gegeven worden’;
- een ouderavond vragen. Rutgers heeft daarvoor het draaiboek ‘Kriebels op school’ en adviseert scholen ouders ‘in een vroeg stadium’ te informeren;
- bij blijvende zorgen de school aanspreken en zo nodig de klachtenprocedure gebruiken; de Inspectie verwees ouders die in 2023 belden terug naar ‘scholen en besturen’ als ‘eerste aanspreekpunt’.
Of ouders ook de volledige digibordlessen mogen zien, bepaalt de school: Rutgers’ eigen oudersite stelt dat ‘scholen zelf bepalen of het lesmateriaal toegankelijk is’. Welke rechten ouders precies hebben, van informatieplicht tot medezeggenschap, staat in ons cornerstone over de rechten van ouders en in de rubriek Rechten van ouders. Tips voor het gesprek zelf geven we in In gesprek met school over de Lentekriebels. Voor de bredere vraag hoe scholen met gender omgaan, buiten de seksuele vorming om, verwijzen we naar zustersite genderopschool.nl.
Weging: wat staat er nu echt, en wat niet
Wie de lesbeschrijvingen leest, ziet een pakket dat voor het grootste deel over weerbaarheid, vriendschap, lichaam en puberteit gaat, in een opbouw die van ‘voelt dit fijn?’ in groep 1 naar consent en anticonceptie in groep 8 loopt. Dat deel is nauwelijks omstreden en sluit aan bij wat de overheid met kerndoel 38 beoogt. De gevoelige punten zijn concreter en kleiner dan de ophef van 2023 deed vermoeden: het benoemen van geslachtsdelen bij kleuters, de les ‘Je eigen lichaam’ in groep 8, en de manier waarop seksuele diversiteit en genderbegrippen zijn verwerkt, van ‘eigen gender’ in groep 3 tot ‘transgender, non-binair en intersekse’ in groep 8. Daarover is een inhoudelijk gesprek mogelijk en nodig, juist omdat de school die keuzes zelf maakt. De belangrijkste les voor ouders is daarom praktisch: vraag niet ‘doet de school mee aan de Lentekriebels?’, maar ‘welke lessen geeft de school, in welke groep, en mag ik ze zien?’. Meer artikelen over de lesinhoud staan in de rubriek Lesinhoud per groep.
Bronnen
- Rutgers (2024). Informatie over het lespakket Kriebels in je Buik – Voor ouders. seksuelevorming.nl/wp-content/uploads/2024/02/Kriebels-in-je-Buik-Voor-ouders.pdf
- Rutgers (z.j.). Kriebels in je buik – Algemene introductie; Leerdoelen Kriebels in je buik; lesbeschrijvingen ‘In je blootje’ (groep 1), ‘Hoe worden kindjes geboren?’ (groep 2), ‘Mijn thuis’ (groep 3), ‘Dit ben ik!’ (groep 5), ‘Meiden in de puberteit’ en ‘Wat is seks?’ (groep 7). kriebelsinjebuik.nl
- Nederlands Jeugdinstituut (2023). Kriebels in je buik – interventiebeschrijving, erkend als ‘goed onderbouwd’ op 16 februari 2023. nji.nl/interventies/kriebels-in-je-buik
- Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs (6 juni 2023). Antwoord op schriftelijke vragen van het lid Baudet over de Week van de Lentekriebels, kenmerk 2023Z05473. rijksoverheid.nl
- Rijksoverheid (2026). Veelgestelde vragen over relationele en seksuele vorming. rijksoverheid.nl
- SLO (2015). Seksualiteit en seksuele diversiteit in de kerndoelen. Enschede: SLO; met de tekst van kerndoel 38 (Stb. 2012, 470).
- NOS (21 maart 2023). Minister over ‘lentekriebelweek’: seksuele vorming is leerdoel van kinderen. nos.nl
- Hart van Nederland (20 maart 2023). Kritiek op projectweek seksuele vorming voor basisonderwijs. hartvannederland.nl
Redactie Lente-kriebels.nl
Onafhankelijke redactie die ouders rustig en met bronnen informeert over de Week van de Lentekriebels en seksuele vorming op de basisschool. Informatief, geen juridisch of pedagogisch advies. Laatst bijgewerkt op 12 augustus 2026.
Veelgestelde vragen
Korte antwoorden op de vragen die het vaakst terugkomen.

